De meeste onderhandelaars bereiden feiten, prijzen en voorwaarden voor.
Velen laten nog steeds veel waarde op tafel liggen.
De reden is eenvoudig. Vooringenomenheid verandert wat je opmerkt, wat je vertrouwt en wat je beslist.
Vooringenomenheid voelt niet irrationeel.
Het voelt als “goed beoordelingsvermogen”.
Daarom is het duur.
Dit artikel behandelt negen valkuilen die in dagelijkse onderhandelingen voorkomen.
Elk onderdeel bevat een duidelijke valkuil, een voorbeeld uit de praktijk en een praktische oplossing.
Verankeringsbias
Verankeren gebeurt wanneer het eerste getal het referentiepunt bepaalt.
Mensen passen zich er te weinig van aan.
Voorbeeld
Een leverancier opent een verlenging met een verhoging van 12%.
De inkoper plande 3%.
Na twee vergaderingen “winnen” ze 6%.
Dat resultaat volgt nog steeds het eerste getal, niet de markt.
Wat te doen
Loop naar binnen met je eigen anker en je redenen.
Gebruik benchmarks zoals de prijs van vorig jaar, offertes van concurrenten of inputkosten.
Noem het anker hardop als het extreem is.
Zeg: “Dat getal is geen bruikbaar uitgangspunt. Hier is het onze.”
Bevestigingsbias
Confirmation bias zorgt ervoor dat je steun zoekt en wrijvingen negeert.
Je hoort wat bij je verhaal past.
Voorbeeld
Een salesteam gelooft dat de klant budget heeft.
Een vriendelijke manager zegt: “Dit kwartaal komt het wel goed.”
Het team negeert twee waarschuwingen van inkoop over goedkeuringen.
De deal loopt 90 dagen uit en dan wordt de scope geschrapt.
Wat te doen
Voer één “disproof” check uit voordat je begint.
Vraag: “Welk feit zou deze deal om zeep helpen?”
Ga dan bewust achter dat feit aan.
Nodig een collega uit om tien minuten lang de andere kant te beargumenteren.
Framing Effect
Framing verandert keuzes door formulering.
De feiten blijven hetzelfde.
Voorbeeld
Je stelt een clausulewijziging voor.
Je zegt: “Dit voorkomt een inkomstenverlies van 5%.”
De andere partij reageert snel en gaat akkoord om het te bespreken.
Als je zegt: “Dit verhoogt de inkomsten met 5%,” tonen ze minder urgentie.
Wat te doen
Test twee kaders voordat je een belangrijke vraag presenteert.
Gebruik een winstkader en een verlieskader.
Breng vervolgens de woorden terug tot de cijfers en het risico.
Beslis op basis van inhoud, niet op emotie.
Fundamentele attributie bias
Deze vooringenomenheid zorgt ervoor dat je anderen als “moeilijk” of “onredelijk” beoordeelt.
Je negeert de situatie die hun gedrag vormgeeft.
Je gaat er ook van uit dat zij de overeenkomst zien zoals jij.
Voorbeeld
Een inkoper vraagt om korting op 28 juni.
De leverancier weigert en klinkt kil.
De inkoper bestempelt hem als koppig.
Het echte probleem is autoriteit. De vertegenwoordiger van de leverancier kan geen wijzigingen goedkeuren na het afsluiten van de maand.
Wat te doen
Stel één duidelijke vraag voordat je de intentie beoordeelt.
“Welke druk of regels zitten er achter die positie?”
Luister dan naar interne grenzen, prikkels en goedkeuringstrajecten.
Je kunt echte beperkingen oplossen. Je kunt geen label oplossen.
Vertrouwens bias
Overmoed zorgt ervoor dat je je lezing van de ruimte overschat.
Het verkort ook de voorbereidingstijd.
Voorbeeld
Een senior leider neemt deel aan het laatste gesprek en verwacht een snelle afronding.
Ze slaan de voorbereidende briefing over.
De tegenpartij voegt juridische en financiële zaken aan het gesprek toe.
Er verschijnen nieuwe termen en de tijdlijn verdubbelt.
Wat te doen
Schrijf drie dingen op die je niet weet.
Maak van elk een vraag voor de andere partij.
Bouw twee dealpaden, een snelle en een langzame.
Behandel zekerheid als een resultaat van voorbereiding, niet als een stemming.
Verliesaversie
Mensen voelen verliezen sterker dan winsten van dezelfde grootte.
Een kleine concessie kan enorm aanvoelen.
Voorbeeld
Een klant vraagt om een kleine boeteclausule te schrappen.
Je team weigert.
De clausule heeft weinig waarde voor jou, maar het opgeven ervan voelt als verliezen.
De weigering blokkeert een grotere winst, een tweejarige verlenging ter waarde van €400.000,-.
Wat te doen
Vertaal “verliezen” in ruil.
Zeg: “Als we die clausule schrappen, hebben we X terug nodig.”
Houd een eenvoudige handelslijst bij op papier: prijs, termijn, volume, betaling, reikwijdte, serviceniveaus.
Verplaats waarde over verschillende punten in plaats van ruzie te maken over één punt.
Verzonken kosten denkfout
Verzonken kosten zetten je op het verkeerde been.
Besteedde tijd voelt als een reden om door te gaan.
Voorbeeld
Een team besteedt vijf maanden aan een samenwerkingsovereenkomst.
Uit nieuwe cijfers blijkt dat de marge zal dalen van 18% naar 6%.
De leiding dringt erop aan om toch te tekenen.
Ze zeggen: “We mogen geen vijf maanden verspillen.”
Wat te doen
Stel exitregels op voordat de gesprekken beginnen.
Leg een ondergrens vast voor marge, risico en contante voorwaarden.
Herzie deze ondergrenzen na elke grote verandering.
De tijd is voorbij. Uw handtekening bepaalt toekomstige pijn.
Halo- en hoorneffecten
Een aureool vormt zich als je de ander leuk vindt of bewondert.
Een hoorn vormt zich als je hem of haar niet leuk vindt.
Beide vertekenen hoe je hun voorstellen beoordeelt.
Voorbeeld
Een charismatische verkoper presenteert een complex prijsmodel.
De koper accepteert het met een licht onderzoek.
Een verkoper die minder geliefd is, presenteert later een eenvoudiger model.
De koper verwerpt het instinctief en loopt vervolgens besparingen mis.
Wat te doen
Scheid de persoon van de term sheet.
Scoor voorstellen aan de hand van een korte checklist: totale kosten, risico, tijdlijn, exit-voorwaarden.
Laat een tweede beoordelaar elke deal controleren die snel “goed voelt”.
Snel comfort duidt vaak op vooringenomenheid.
Vaste taart vooringenomenheid
Fixed-pie bias behandelt onderhandelingen als zero-sum.
Je vecht om één getal en negeert andere hefbomen.
Voorbeeld
Twee partijen ruziën wekenlang over een prijsverschil van 4%.
Ze hebben het nooit over het tijdstip van betaling of de lengte van het contract.
Een vooruitbetaling van 12 maanden zou de behoefte aan contanten voor de ene partij oplossen.
Een langere looptijd zou de korting voor de andere partij rechtvaardigen.
Wat te doen
Zet ten minste drie punten op de agenda.
Gebruik elke keer dezelfde lijst: prijs, volume, timing, omvang, service, termijn.
Vraag wat voor elke partij het belangrijkst en het minst belangrijk is.
Ruil punten met lage kosten voor punten met hoge waarde.
Conclusie – Onderneem actie!
Vooringenomenheid komt niet naar voren als “vooringenomenheid”.
Het komt naar voren als een redelijk verhaal dat je jezelf vertelt.
Dat verhaal vormt je cijfers, je toon en je keuzes.
Kies één vooroordeel van deze lijst voor je volgende onderhandeling.
Geef het een naam op je voorbereidingsblad.
Beslis wat je gaat doen als het verschijnt.
Marc Saris 
